ABRvS 30 mei 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2251
Bij besluit van 26 juli 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leiden [appellant] onder aanzegging van bestuursdwang gelast om zijn vaartuig uit de passantenhaven te verwijderen en verwijderd te houden van iedere niet aan hem vergunde ligplaats binnen de openbare wateren van Leiden. [appellant] verblijft sinds medio 2022 met zijn vaartuig in de passantenhaven van Leiden. Op 26 juli 2023 hebben opsporingsambtenaren van de gemeente Leiden geconstateerd dat [appellant] in de passantenhaven ter hoogte van het Ankerpark met zijn vaartuig ligplaats inneemt zonder vergunning. Dat is volgens het college in strijd met artikel 3.4.1.1, eerste lid, van de Verordening voor de fysieke leefomgeving Leiden 2020. Daarin is bepaald dat het niet is toegestaan een ligplaats in openbaar water in te nemen met een vaartuig zonder vergunning van het college. Bij besluit van 26 juli 2023 heeft het college [appellant] daarom gelast om zijn vaartuig te verwijderen en verwijderd te houden van iedere niet aan hem vergunde ligplaats binnen de openbare wateren van Leiden. Indien [appellant] hier geen gevolg aan geeft, zal het college het vaartuig verwijderen en opslaan op kosten van [appellant].
De uitspraak op rechtspraak.nl