ABRvS 3 april 2024, ECLI:NL:RVS:2024:1303

[appellanten] hebbende rechtbank Limburg verzocht om herziening van de uitspraak van de rechtbank Limburg van 17 juni 2019 en vergoeding van de door hen geleden schade. [appellanten] hebben het college verzocht om handhavend op te treden tegen de inrichting aan de [locatie] in Roermond. Het college heeft dat verzoek afgewezen. [appellanten] hebben daar bezwaar tegen gemaakt en het college verzocht om in te stemmen met rechtstreeks beroep. Het college heeft daarmee ingestemd. [appellanten] betogen dat de rechtbank het verzoek om herziening had moeten toewijzen. Als reden daarvoor hebben zij gewezen op de lange doorlooptijd van de besluitvorming en rechtspraak. Daarnaast hebben zij verzocht om vergoeding van geleden immateriële schade en geleden en nog te lijden materiële schade.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken