ABRvS 29 november 2023, ECLI:NL:RVS:2023:4399

Bij besluit van 7 augustus 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de zorgtoeslag van [wederpartij] over het jaar 2019 definitief berekend en vastgesteld. Daarbij is tevens het te veel betaalde voorschot van hem teruggevorderd. [wederpartij] heeft in 2009 een ontslagvergoeding van € 151.236,00 ontvangen. Hij heeft dit bedrag ondergebracht in een door hem opgerichte stamrecht-B.V. Bij een zogenoemde stamrechtconstructie wordt een ontvangen ontslagvergoeding, zonder inhouding van belasting, gestort in een stamrecht-B.V. Uit de stamrecht-B.V. kunnen periodieke uitkeringen worden gedaan, waarover de betrokkene op dat moment alsnog inkomstenbelasting verschuldigd is. [wederpartij] heeft van de stamrecht-B.V. geld geleend voor het opzetten van een eigen bedrijf, en nadien om te kunnen voorzien in zijn levensonderhoud. Het door [wederpartij] van de stamrecht-B.V. geleende bedrag bedroeg in 2016 € 140.202,00. Over dit bedrag was nog geen belasting betaald. Dit heeft geleid tot een belastingschuld van [wederpartij] bij de inspecteur voor de inkomstenbelasting.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken