ABRvS 8 november 2023, ECLI:NL:RVS:2023:4118

Bij besluit van 21 augustus 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlem aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd. De last onder dwangsom is opgelegd wegens overtreding van artikel 2:74 van de Algemene Plaatselijke Verordening Haarlem. Op grond van dit artikel is het verboden om op een openbare plaats aanwezig te zijn met het kennelijke doel om drugs te verhandelen. Het besluit van 21 augustus 2020 tot oplegging van de last onder dwangsom is gebaseerd op een bestuurlijke rapportage van de politie van 22 juni 2020. Daarin is de verkoop door [appellant] van verdovende middelen beschreven en wordt geconcludeerd dat [appellant] zich bezighoudt met de handel in verdovende middelen binnen de gemeente Haarlem. De last houdt in dat [appellant] niet nogmaals artikel 2:74 van de APV mag overtreden. De dwangsom is € 2.500,00 per geconstateerde overtreding met een maximum van € 10.000,00. [appellant] bestrijdt dat sprake is van een overtreding van artikel 2:74 van de APV. Verder vindt hij de dwangsom onredelijk hoog.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken