ABRvS 25 januari 2023, ECLI:NL:RVS:2023:273

Bij uitspraak van 30 december 2020 heeft de rechtbank het verzoek van [appellante] om het college van burgemeester en wethouders van Purmerend op grond van artikel 8:75a, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, te veroordelen in de proceskosten, afgewezen. Het college van burgemeester en wethouders van Purmerend heeft, na door [appellante] in gebreke te zijn gesteld wegens het niet tijdig beslissen op haar aanvraag om een urgentieverklaring, op die aanvraag beslist. Het college heeft daarbij op grond van artikel 4:17 van de Awb van rechtswege een dwangsom verbeurd wegens niet tijdig beslissen. [appellante] heeft, omdat een besluit over de toekenning van die dwangsom uitbleef, zonder voorafgaande ingebrekestelling beroep ingesteld tegen het door het college niet tijdig nemen van een dwangsombesluit. Het college heeft dat besluit daarna alsnog genomen. [appellante] heeft daarop het beroep ingetrokken omdat het college daaraan is tegemoetgekomen. Zij heeft de rechtbank verzocht het college te veroordelen tot het vergoeden van de door haar gemaakte proceskosten in beroep.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken