ABRvS 30 november 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3485
Bij besluit van 23 juli 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam bestuursdwang toegepast door het voertuig van [appellant] met kenteken [..-..-..] weg te slepen en in bewaring te stellen, en de kosten hiervan ter hoogte van € 257,41 op hem verhaald. [appellant] woont in de buurt van het Pijnackerplein in Rotterdam. Op zaterdag 8 juni 2019 heeft hij zijn auto op het Pijnackerplein in een parkeervak gezet. Op woensdag 12 juni 2019 is bij de betreffende parkeervakken een verkeersbord E4 geplaatst, met daarboven de tekst ‘Evenement’, en daaronder een onderbord met de tekst ‘Parkeren verboden op: Do 20 juni 08h t/m Ma 24 juni 18h’. Op donderdag 20 juni 2019 om 8:47 uur heeft een toezichthouder van de gemeente Rotterdam geconstateerd dat de auto van [appellant] geparkeerd stond in een parkeervak waar van 20 juni 2019 8:00 uur tot en met 24 juni 2019 18:00 uur een parkeerverbod was ingesteld vanwege een evenement. De auto is vervolgens weggesleept naar Rhoon en daar in bewaring gesteld.
De uitspraak op rechtspraak.nl