ABRvS 24 augustus 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2467

Bij besluit van 5 augustus 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam bestuursdwang toegepast door de auto van [appellant] weg te slepen en in bewaring te stellen en de kosten daarvan van € 313,05 op [appellant] te verhalen. Op 10 juni 2019 om 09:49 uur stond de auto van [appellant] geparkeerd in een parkeervak aan de Maaskade. Daar zijn op 4 juni 2019 in verband met het evenement Roparun, dat plaatsvond van 8 juni tot en met 10 juni 2019, verkeersborden E4 met onderborden geplaatst. Hierop was aangegeven dat het verboden was te parkeren op 10 juni 2019 van 09:00 uur tot 20:00 uur. Volgens het college heeft [appellant] dit tijdelijke parkeerverbod overtreden. Daarom heeft het college de auto weggesleept en de kosten van € 313,05 op [appellant] verhaald. [appellant] is het hier niet mee eens. Hij heeft in beroep aangevoerd dat het college ten onrechte geen verkeersbesluit heeft genomen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken