ABRvS 2 november 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3139
Bij besluit van 3 januari 2020 heeft de korpschef van politie een verzoek van [appellant] om kennisneming van hem en zijn (minderjarige) zoon, [zoon], betreffende politiegegevens deels ingewilligd en deels afgewezen. [appellant] heeft de korpschef verzocht om kennisname van de op hem en zijn (minderjarige) zoon, [zoon], betrekking hebbende politiegegevens. Bij het besluit van 3 januari 2020 heeft de korpschef dit verzoek deels ingewilligd. Daarbij heeft de korpschef een overzicht verstrekt van [appellant] en zijn zoon betreffende registraties waarin inzage gegeven kan worden. Daarnaast heeft de korpschef een deel van het verzoek, op grond van artikel 27, eerste lid, aanhef en onder d, van de Wet politiegegevens, afgewezen ter bescherming van de rechten en vrijheden van derden. De rechtbank heeft het daartegen door [appellant] ingestelde beroep ongegrond verklaard. De rechtbank heeft, met toepassing van artikel 8:29, vijfde lid, van de Awb, kennisgenomen van de gegevens waarvan [appellant] geen kennis heeft mogen nemen. Naar het oordeel van de rechtbank betreft het gegevens die in het kader van de politietaak zijn of worden verwerkt en die herleidbaar zijn naar betrokkenen en derden.
De uitspraak op rechtspraak.nl