ABRvS 19 oktober 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3024
Bij besluit van 28 augustus 2018 heeft het college van gedeputeerde staten van Drenthe [appellante] een tegemoetkoming van € 930,00 toegekend in de door een wolf aangerichte schade aan haar schapenhouderij. [appellante] is exploitant van een schapenhouderij met ongeveer 2.500 schapen en lammeren. Op 25 maart 2018 heeft [appellante] wolvenschade geconstateerd. Zij heeft daarvan op dezelfde dag melding gedaan aan het college. Het geschil tussen partijen gaat over de hoogte van de tegemoetkoming in de schade. Niet in geschil is dat vier drachtige ooien op 25 maart 2018 zijn gedood door een wolf. Bij besluit van 28 augustus 2018, gelezen in samenhang met een taxatierapport van 26 april 2018, heeft het college [appellante] hiervoor een tegemoetkoming toegekend. [appellante] heeft zich in bezwaar op het standpunt gesteld dat het college ten onrechte niet tevens een tegemoetkoming heeft toegekend voor de vervolgschade.
De uitspraak op rechtspraak.nl