Rb. Noord-Nederland 23 april 2025, ECLI:NL:RBNNE:2025:1750
Eiseres heeft een stalhouderij en houdt ongeveer 700 fokooien. Op 19 juni 2022 heeft een aanval van een wolf plaatsgevonden waarbij vijf ooien en vijf foklammeren zijn gedood. Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming in schade op grond artikel 6.1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet natuurbescherming. GS heeft een tegemoetkoming aan eiseres verleend. Eiseres is het niet eens met de waarde die aan de gedode schapen is toegekend en vindt dat er ook nog andere kostenposten vergoed hadden moeten worden. Verder stelt eiseres dat het college ten onrechte geen wettelijke rente heeft toegekend. De rechtbank is van oordeel dat het college zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat de eventuele meerkosten die eiseres heeft moeten maken door later drachtige ooien aan te schaffen, voor rekening van eiseres behoren te blijven. Ook de keuze om de overige kosten die eiseres benoemt niet voor een tegemoetkoming in aanmerking te laten komen acht de rechtbank niet onredelijk. Wel is de rechtbank van oordeel dat het college ten onrechte geen wettelijke rente aan eiseres heeft toegekend.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 19 juli 2023, ECLI:NL:RVS:2023:2784
- ABRvS 19 oktober 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3024
- ABRvS 19 oktober 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3034
- ABRvS 9 mei 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1539
- ABRvS 1 juli 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2053
- ABRvS 17 juni 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1885
- ABRvS 18 januari 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV1191
- ABRvS 23 maart 2005, ECLI:NL:RVS:2005:AT1995