ABRvS 17 augustus 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2299

Bij besluit van 16 september 2021 heeft de minister voor Rechtsbescherming de aanvraag van [appellant] voor een verklaring omtrent het gedrag voor de functie van rijinstructeur afgewezen. [appellant] is in maart 2021 gestart met een opleiding tot rijinstructeur. Om zijn certificaat als bedoeld in artikel 7 van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 te behalen moest hij ten tijde van zijn aanvraag alleen nog een verplichte praktijkstage van in totaal 40 uur lopen. Voor de stage is op grond van artikel 15a, eerste lid, van de WRM een VOG nodig. [appellant] heeft bij de politie bekend dat hij een persoon die zijn broertje heeft aangevallen heeft gestoken met een mes. De minister heeft in de specifieke omstandigheden van het geval geen aanleiding gezien om de VOG alsnog te verstrekken. Dit besluit heeft de minister in bezwaar gehandhaafd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken