ABRvS 13 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1996

Bij besluit van 11 juni 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Cuijk [appellant sub 2] ambtshalve in de basisregistratie personen (hierna: brp) ingeschreven op het adres [locatie 1] in Cuijk. [appellant sub 2] stond in de brp ingeschreven op het adres [locatie 2] in Cuijk. Daar woonde zijn moeder. [appellant sub 2] heeft een dochter met [appellant sub 1] en een dochter met [persoon]. [appellant sub 1] stond in de brp ingeschreven op het adres [locatie 1] in Cuijk, samen met de dochter die zij met [appellant sub 2] heeft. [persoon] stond in de brp ingeschreven op het adres [locatie 3] in Cuijk, samen met de dochter die zij met [appellant sub 2] heeft. Op 9 januari 2018 hebben toezichthouders van de gemeente inspecties uitgevoerd op al deze adressen, om te controleren of de inschrijving van [appellant sub 2] juist was. Van deze inspecties zijn rapporten opgesteld.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken