ABRvS 6 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1892
Bij besluit van 22 mei 2020 heeft het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant de bij besluit van 13 juli 2007 aan de rechtsvoorganger van [appellante] verleende omgevingsvergunning voor de activiteit "milieu" voor de inrichting gelegen op het perceel [locatie] te [plaats] ingetrokken. Op 13 juli 2007 is aan [bedrijf A] een revisievergunning verleend op grond van de Wet milieubeheer voor de inrichting op het perceel. De vergunning is op 1 oktober 2010 gelijkgesteld met een omgevingsvergunning voor de activiteit milieu als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Op 29 september 2016 heeft [bedrijf B] de aandelen in het kapitaal van [bedrijf A] verworven. Deze aandelen waren tot die tijd in handen van Afvalstoffen Terminal Moerdijk B.V. (hierna: ATM). De statutaire naam van het bedrijf is vervolgens gewijzigd in [appellante] In de onderliggende koopovereenkomst is een non-concurrentiebeding opgenomen.
De uitspraak op rechtspraak.nl