ABRvS 3 mei 2021, ECLI:NL:RVS:2021:940

Bij besluit van 8 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellante] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellante], een alleenstaande vrouw van 70 jaar, heeft gevraagd om een urgentieverklaring omdat zij vanwege medische beperkingen niet meer in staat is om zonder compensatie te wonen in haar huidige woning. Het college heeft de aanvraag afgewezen op grond van artikel 2.6.5, eerste lid, onder c, van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2020 (hierna: de Huisvestingsverordening). Daaraan heeft het college ten grondslag gelegd dat [appellante], gezien de inschrijfduur van 21 jaar bij WoningNet en haar leeftijd, in staat wordt geacht binnen redelijke termijn haar woonprobleem op te lossen. Voorts heeft zij een WMO-indicatie die voorrang geeft bij het vinden van een woning met passende toegankelijkheid. Een urgentieverklaring is hierdoor niet nodig en niet mogelijk, aldus het college.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken