ABRvS 28 oktober 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2539

Bij besluit van 3 oktober 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellante] om een urgentieverklaring voor woonruimte afgewezen. [appellante], een alleenstaande vrouw zonder kinderen, heeft op 18 april 2017 een aanvraag om een urgentieverklaring voor woonruimte ingediend. Zij heeft een urgentieverklaring om medische redenen aangevraagd, omdat zij klachten heeft aan beide knieën. Zij wil daarom graag een laag gelegen woning of woning met lift. Het college heeft de aanvraag afgewezen en deze afwijzing in het besluit op bezwaar gehandhaafd. Het college heeft aan het besluit op bezwaar ten grondslag gelegd dat [appellante] op 1 januari 2019 is ingetrokken bij een vriendin die een woning met lift heeft. Er zijn dan ook geen beperkingen om deze woning te bereiken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken