ABRvS 28 april 2021, ECLI:NL:RVS:2021:914
Bij besluit van 21 december 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Pijnacker-Nootdorp [appellant] medegedeeld dat geen omgevingsvergunning van rechtswege is ontstaan. Bij brief van 24 augustus 2017 heeft het college aan [appellant] medegedeeld dat het voornemens is een last onder dwangsom op te leggen wegens een zonder omgevingsvergunning gebouwde overkapping op het voorerf van het perceel [locatie] in Nootdorp. In reactie daarop heeft [appellant] bij brief van 28 september 2017 een zienswijze ingediend over het voornemen van het college. De zienswijze bevat volgens [appellant] tevens het verzoek om een omgevingsvergunning te verlenen. Omdat op dit verzoek volgens [appellant] niet tijdig is beslist, heeft hij op 1 december 2017 het college verzocht over te gaan tot bekendmaking van de van rechtswege ontstane omgevingsvergunning. Bij het besluit van 21 december 2017 heeft het college meegedeeld dat geen vergunning van rechtswege is ontstaan, omdat geen formele aanvraag is ingediend.
De uitspraak op rechtspraak.nl