ABRvS 25 maart 2020, ECLI:NL:RVS:2020:867

Bij besluit van 1 augustus 2017 heeft de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie de vergunning voor het in stand houden van de particuliere beveiligingsorganisatie [bedrijf] en de toestemming om [appellant] leiding te laten geven aan [bedrijf] ingetrokken. [appellant] heeft een beveiligingsbedrijf met de naam [bedrijf]. Voor het in stand houden van een particuliere beveiligingsorganisatie is een vergunning van de minister nodig. Om leiding te mogen geven aan een particuliere beveiligingsorganisatie, is toestemming van de minister nodig. Op 23 december 2014 is vergunning verleend voor het in stand houden van [bedrijf] en is toestemming verleend om [appellant] leiding te laten geven aan [bedrijf]. Bij het besluit van 1 augustus 2017 zijn deze vergunning en toestemming ingetrokken. Aan de intrekking van de toestemming heeft de minister ten grondslag gelegd dat [appellant] onvoldoende betrouwbaar is om leiding te geven aan een beveiligingsorganisatie omdat hij in criminele kringen verkeert.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken