ABRvS 20 mei 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1266

Bij besluit van 1 maart 2019 (het primaire besluit) heeft de burgemeester van Den Haag op grond van artikel 172, derde lid, van de Gemeentewet bevolen tot de blijvende inbeslagname van [naam hond], de hond van [appellanten sub 1]. In de periode 2015-2018 heeft [naam hond] ten minste zes honden en twee personen gebeten. In december 2017 en juni en augustus 2018 hebben zich weer bijtincidenten voorgedaan, omdat [appellanten sub 1] het aanlijn- en muilkorfgebod niet (altijd) naleefden. Volgens de burgemeester bestaat er bij terugkeer van [naam hond] ernstige vrees voor (verdere) verstoring van de openbare orde. Daarom wil de burgemeester [naam hond] overdragen aan een andere eigenaar. Als dat niet mogelijk blijkt, zal [naam hond] worden gedood.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken