ABRvS 12 september 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2956

Bij besluit van 1 april 2016 heeft het college [appellante] onder oplegging van een dwangsom gelast om het laten gebruiken van uw recreatieverblijven aan [locatie] (hierna: het perceel) [A], [B], [C] en [D] te Opmeer ten behoeve van niet-recreatieve bewoning te beëindigen en beëindigd te houden. Het college heeft daarbij bepaald dat het besluit ook van toepassing is op haar rechtsvervolger en de verdere rechtsopvolgers zoals bedoeld in artikel 5.18 van de Wabo.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken