ABRvS 8 augustus 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2678
Bij besluit van 8 september 2016 heeft de staatssecretaris het Nederlanderschap van [appellant sub 2] ingetrokken. In juni 2012 is aan [appellant sub 2] het Nederlanderschap verleend. De staatssecretaris heeft dit besluit ingetrokken, omdat [appellant sub 2] niet al het mogelijke zou hebben gedaan om haar oorspronkelijke, Russische, nationaliteit te verliezen. De staatssecretaris heeft hieraan ten grondslag gelegd dat hij [appellant sub 2] meerdere keren heeft gewezen op de verplichting om afstand te doen van haar oorspronkelijke nationaliteit. Daarbij heeft hij benadrukt dat haar Nederlanderschap zou kunnen worden ingetrokken als zij niet aan deze verplichting zou voldoen. [appellant sub 2] heeft zich op het standpunt gesteld dat zij al het mogelijke heeft gedaan om haar Russische nationaliteit te verliezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl