ABRvS 27 juni 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW9553

OMGEVINGSRECHT. Milieu (oud). Geluidhinder. Vaste jurisprudentie van de Afdeling dat de door het treinverkeer veroorzaakte geluidbelasting niet aan het in werking zijn van de inrichting moet worden toegerekend indien het om doorgaand treinverkeer gaat. Alleen de treinbewegingen die verband houden met het in werking zijn van de inrichting als zodanig, moeten als onderdeel van de inrichting worden beschouwd. De Afdeling geeft in de uitspraak aan hoe de beoordeling dient plaats te vinden ten aanzien van de binnen en van de buiten de inrichting plaatsvindende treinbewegingen. Externe veiligheid. De Circulaire Risiconormering vervoer gevaarlijke stoffen bevat een kader voor de beoordeling van risico's van onder meer spoorvervoer van gevaarlijke stoffen en heeft onder meer betrekking op de beoordeling van risico's van verkeer van en naar een inrichting in de onmiddellijke omgeving van die inrichting wanneer op grond van de Wm een vergunning wordt verleend. Deze circulaire kan dienen als kader voor de beoordeling van de risico's van de toename van het spoorvervoer als gevolg van de bij het bestreden besluit vergunde verandering.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen