ABRvS 5 oktober 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BN9962
Ranov / ontvankelijkheid bezwaar / verschoonbare termijn overschrijding Nu de staatssecretaris zich vanaf de totstandkoming van de Regeling op het standpunt heeft gesteld dat tegen de ambtshalve weigering een aanbod te doen op grond van de Regeling geen rechtsmiddelen kunnen worden aangewend (zie onder meer Kamerstukken II 2006/07, 31 018, nr. 3, blz. 35 en 39) en daarin in individuele zaken heeft volhard tot 3 december 2008, de vreemdeling voorts heeft verklaard dat hij eerst na kennisneming van die uitspraak wist dat hij bezwaar kon maken en hij binnen vier weken na die uitspraak bezwaar heeft gemaakt tegen de aan hem verzonden minuut, kan redelijkerwijs niet worden geoordeeld dat de vreemdeling in verzuim is geweest. Gelet hierop heeft de voorzieningenrechter ten onrechte overwogen dat de staatssecretaris de vreemdeling ten onrechte heeft ontvangen in het door hem gemaakte bezwaar.
De uitspraak op rechtspraak.nl