ABRvS 24 augustus 2006, ECLI:NL:RVS:2006:AY7477
In de grieven I, II en IV, in hun onderlinge samenhang gelezen, klaagt de minister dat, samengevat weergegeven, de rechtbank, door te overwegen dat hij het individuele ambtsbericht van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (hierna: de AIVD) van 23 december 2004 (hierna: het ambtsbericht) niet aan het besluit van 29 september 2005 ten grondslag mocht leggen, zonder inzage te hebben gehad in de daaraan ten grondslag liggende stukken, heeft miskend dat het ambtsbericht zo duidelijk was, dat nader onderzoek niet nodig was.
De uitspraak op rechtspraak.nl