Rb. Zeeland-West-Brabant 18 september 2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:6438

De rechtbank is van oordeel dat de inspecteur de bedrijfsopvolgingsregeling (artikel 35b en verder Successiewet 1956) terecht niet op de door belanghebbende van haar ouders ontvangen schenking heeft toegepast omdat belanghebbende ten tijde van de schenking niet was aan te merken als beherend vennoot van de onderneming. Het huwelijksgoederenregime van belanghebbende en haar echtgenoot, noch artikel 26 van de Successiewet leiden daartoe. Dat betekent dat aan de in artikel 35c van de Successiewet gestelde voorwaarden aan de bedrijfsopvolgingsregeling niet is voldaan. De aanslag schenkbelasting is daarom door de inspecteur op het juiste bedrag vastgesteld.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken