Rb. Zeeland-West-Brabant 1 juli 2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:4502

WOTS-zaak. Veroordeelde is op 1 augustus 2022 door de “United States District Court for the Eastern District of Virginia” veroordeeld tot een vrijheidsstraf van 36 maanden. De rechtbank verklaart de tenuitvoerlegging van deze beslissing toelaatbaar en verleent verlof tot tenuitvoerlegging in Nederland van deze beslissing. De rechtbank dient, gelet op artikel 31 lid 1 WOTS, een straf op te leggen die, met inachtneming van het daaromtrent in het toepasselijke verdrag voorgeschrevene, op het overeenkomstige feit naar Nederlands recht is gesteld. De rechtbank legt aan veroordeelde op een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden. Zij beveelt dat de tijd gedurende welke veroordeelde in de vreemde staat, in deze zaak de Verenigde Staten van Amerika, ter uitvoering van de haar aldaar opgelegde sanctie, met het oog op zijn overbrenging naar Nederland en uit hoofde van de WOTS, van haar vrijheid beroofd is geweest, bij de uitvoering van die straf geheel in mindering zal worden gebracht.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen