Rb. Zeeland-West-Brabant 27 februari 2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:1286
IB/PVV. Belanghebbende heeft na een gerechtelijke procedure een betaling ontvangen van zijn ROW-vordering van € 500.000 vermeerderd met wettelijke handelsrente van € 291.050. Tussen partijen is in geschil of de vergoeding van wettelijke handelsrente eveneens tot het ROW behoort. De rechtbank is van oordeel dat aangezien belanghebbende in zijn hoedanigheid van resultaatgenieter als schuldeiser moet worden aangemerkt, de door hem ontvangen vergoeding van wettelijke handelsrente tot het ROW behoort. Er bestaat daarnaast geen aanleiding voor een ‘redelijke tegemoetkoming’ op grond van de foutenleer.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde uitspraken
- Hof Den Haag 16 november 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:2631
- HR 25 september 2020, ECLI:NL:HR:2020:1503
- Hof 's-Hertogenbosch 22 augustus 2017, ECLI:NL:GHSHE:2017:3652
- Rb. Oost-Brabant 22 april 2015, ECLI:NL:RBOBR:2015:2783
- HR 3 mei 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY8161
- HR 14 maart 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF5826
- HR 29 juni 1988, ECLI:NL:HR:1988:ZC3858