Rb. Zeeland-West-Brabant 24 maart 2022, ECLI:NL:RBZWB:2022:1404

Vennootschapsbelasting. Artikel 27e AWR. Winstafroming door coffeeshops? Omkering bewijslast? Enkele afwezigheid van primair inkoopbewijs is, in dit geval, onvoldoende om te oordelen dat de administratie niet als grondslag kan dienen voor de fiscale winstberekening. Voor de jaren 2010 en 2011 zijn echter bijkomende omstandigheden aanwezig om wel tot dat oordeel te komen: de rechtbank acht aannemelijk gemaakt dat in die jaren winst is afgeroomd door hogere inkoopkosten in de boekhouding op te nemen dan de werkelijke kosten, gelet op onder meer de contante stortingen bij een Luxemburgse bank. Een correctie op de winst uitgaande van de contante stortingen is ‘een gemotiveerde schatting’. Voor de jaren 2010 en 2011 zijn de vereiste aangiften niet gedaan. Een correctie op de winst uitgaande van een correctie van 10% op de inkoopkosten, is niet onredelijk. Er is niet aan de verzwaarde bewijslast voldaan dat de winst lager is. De belastingaanslagen 2010 en 2011 worden gehandhaafd. Voor de jaren 2012 tot en met 2014 is de inspecteur niet in de bewijslast geslaagd dat er afgeroomd is.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken