Rb. Zeeland-West-Brabant 21 oktober 2021, ECLI:NL:RBZWB:2021:5275
Volgens belanghebbende is er sprake van schending van het gelijkheidsbeginsel, omdat bij de berekening van de arbeidskorting en de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw geen rekening wordt gehouden met betaalde lijfrentepremies en wel met pensioenpremies. De rechtbank begrijpt dit standpunt als een beroep op het discriminatieverbod van artikel 14 EVRM in verbinding met artikel 1 van het EP. Naar het oordeel van de rechtbank is het discriminatieverbod niet geschonden. De keuze van de wetgever om een oudedagsvoorziening opgebouwd in de derde pijler ongelijk te behandelen ten opzichte van een oudedagsvoorziening opgebouwd in de tweede pijler is niet van redelijke grond ontbloot en dient te worden geëerbiedigd.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Noord-Nederland 20 december 2019, ECLI:NL:RBNNE:2019:5258
- HR 23 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2175
- Conclusie A-G Wattel 31 januari 2018, ECLI:NL:PHR:2018:119
- Europees Hof voor de Rechten van de Mens 29 april 2008, ECLI:NL:XX:2008:BD3989
- Europees Hof voor de Rechten van de Mens 22 juni 1999, ECLI:NL:XX:1999:AV1935