Rb. Zeeland-West-Brabant 19 september 2013, ECLI:NL:RBZWB:2013:7200
Van het geregeld werkzaamheden verrichten in een shoarmazaak als het opnemen van de telefoon, het helpen van de eigenaar en het bereiden van het eten moet het eiser redelijkerwijs duidelijk zijn dat die werkzaamheden van invloed kunnen zijn op zijn recht op bijstand. Dit omdat het op geld waardeerbare activiteiten zijn. Het betreft werkzaamheden die de kern vormen van de activiteiten in een shoarmazaak en gaat verder dan het verlenen van een wederdienst door incidenteel te helpen. Het verweer van eiser dat zijn activiteiten geen inkomen hebben opgeleverd en dus niet van invloed kunnen zijn op zijn recht op bijstand, brengt hierin geen verandering. Naast inkomen waarover feitelijk wordt beschikt, kan ook inkomen waarover redelijkerwijs kan worden beschikt ingevolge artikel 31 van de WWB van invloed zijn op het recht op bijstand.
De uitspraak op rechtspraak.nl