CRvB 28 augustus 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BX6120
Intrekking bijstand en terugvordering. Schending inlichtingenverplichting. Vast staat dat de onroerende zaken in een officieel eigendomsregister op naam van betrokkene 1 staan geregistreerd. Volgens vaste rechtspraak rechtvaardigt het feit dat een onroerende zaak in een officieel eigendomsregister op naam van een betrokkene staat geregistreerd de vooronderstelling dat die zaak een bestanddeel vormt van het vermogen waarover hij beschikt dan wel redelijkerwijs kan beschikken. Betrokkenen zijn er niet in geslaagd om aannemelijk te maken dat het tegendeel het geval is. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat geen aanleiding bestaat om de taxatie van 20 december 2008 voor onjuist te houden. Bevestiging aangevallen uitspraak, voor zover deze door betrokkenen is aangevochten. Vaststaat dat betrokkene 1 bij de aanvang van de bijstand of daarna niet bij het college heeft gemeld dat de onroerende zaken in een officieel eigendomsregister op zijn naam stonden geregistreerd. Aangezien het betrokkene 1 redelijkerwijs duidelijk had moeten zijn dat deze gegevens van invloed kunnen zijn op zijn recht op bijstand, heeft hij de op hem rustende inlichtingenverplichting geschonden. Het is dan aan de betrokkene om aannemelijk te maken dat in het geval wel aan de inlichtingenverplichting zou zijn voldaan, recht op bijstand of aanvullende bijstand bestond. De rechtbank heeft dan ook ten onrechte geoordeeld het aan het college is om de waarde van de onroerende zaken op 1 juli 1997 vast te stellen. Vernietiging aangevallen uitspraak, voor zover deze door het college is aangevochten. Dit betekent dat de grondslag aan het ter uitvoering van de aangevallen uitspraak genomen besluit is komen te ontvallen en dat dit besluit wordt vernietigd. Het college heeft terecht geconcludeerd dat als gevolg van de schending van de inlichtingenverplichting door betrokkene 1 het recht op bijstand van betrokkene 1 niet is vast te stellen en dat het college bevoegd was om de bijstand van betrokkene 1 in te trekken. In hetgeen betrokkene 1 heeft aangevoerd is geen grond gelegen voor het oordeel dat het college niet in redelijkheid van deze bevoegdheid gebruik heeft kunnen maken. Het college was bevoegd om de kosten terug te vorderen. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit kunnen in stand blijven.
De uitspraak op rechtspraak.nl