Rb. 's-Gravenhage 19 november 2008, ECLI:NL:RBSGR:2008:BG8125
Herhaalde aanvraag / verblijf bij partner / gezinshereniging / middelenvereiste / artikel 8 EVRM / Maslov Herhaalde aanvraag verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met als doel “verblijf bij partner” en “gezinshereniging met ouder”. Eiseres, haar kind en haar echtgenoot (de referent) hebben de Turkse nationaliteit. De rechtbank overweegt dat de stelling van eiseres dat, nu de referent zich kort voor de aanvraag als zelfstandige heeft gevestigd sprake is van een rechtens relevant nieuw feit in de zin artikel 4:6 van de Awb, niet kan worden gevolgd. Het beroep dat eiseres in dat verband heeft gedaan op artikel 41 Aanvullend protocol bij de Associatieovereenkomst EEG/Turkije, op artikel 7 Gezinsherenigingsrichtlijn en op Besluit 1/80 kan niet slagen. Buiten het toetsingskader van artikel 4:6 van de Awb, immers met inachtneming van het arrest Maslov, is de rechtbank toetsend aan artikel 8 EVRM van oordeel dat verweerder terzake met name onvoldoende heeft meegewogen het gegeven dat het gezinsleven van eiseres met haar echtgenoot en haar minderjarig kind is ontstaan gedurende rechtmatig verblijf hier te lande, terwijl dit gezinsleven uitsluitend door een huwelijkscrisis gedurende anderhalf jaar verbroken is geweest, waarna eiseres en haar echtgenoot vanaf mei 2001 onafgebroken pogingen in het werk hebben gesteld om dit gezinsleven te herstellen. In dat verband klemt met name de benadering van verweerder dat sprake is van een eerste toelating. Verweerder heeft voornoemd als uitzonderlijk te kenmerken procesverloop onvoldoende in onderling verband bezien in zijn beoordeling meegenomen. De rechtbank is gelet hierop van oordeel dat het bestreden besluit op dit punt onvoldoende is gemotiveerd. Beroep gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl