Rb. 's-Gravenhage 25 juli 2005, ECLI:NL:RBSGR:2005:AU1172

[...] Verweerder heeft zich in het bestreden besluit - samengevat - op het standpunt gesteld dat het bezwaar van eiseres gegrond is en dat zij met ingang van 1 april 2002 recht heeft op een uitkering ingevolge de Ioaw, zij het met aftrek van inkomsten. Eiseres heeft namelijk inkomsten uit de verhuur van de [adres 1]/[adres 2] en het pand aan de [adres 3] te Den Haag. Bij de beoordeling van de Ioaw-aanvraag van eiseres zijn deze verhuuropbrengsten van belang. In het pand [adres 2] (begane grond) was ten tijde van de aanvraag [bedrijf] gevestigd. De door dit bedrijf betaalde huurpenningen behoren voor eiseres tot winst uit onderneming. Het voor de Ioaw relevante bedrag heeft verweerder vastgesteld op € 940,00 per maand (€ 1.053,00 minus € 113,00 premie opstalverzekering). Van dit bedrag heeft verweerder een bedrag van € 32,00 voor aan de benedenverdieping van dit pand toe te rekenen kosten en zakelijke lasten afgetrokken. De inkomsten uit verhuur voor het pand aan de [adres 3] heeft verweerder vastgesteld op € 360,00 per maand. De totale maandelijkse inkomsten zijn derhalve € 1.268,00 per maand. Bij dit bedrag hoort een ondernemersaftrek van € 458,00 per maand. Na aftrek van dit bedrag blijft aan inkomen € 810,00 bruto per maand over. Deze inkomsten zijn geringer dan de voor eiseres geldende Ioaw grondslag (voor een alleenstaande: € 988,22 bruto). [...]

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen