Rb. 's-Gravenhage 27 april 2005, ECLI:NL:RBSGR:2005:AT5548
India / medische behandeling. Onvoldoende blijkt dat verweerder zich rekenschap heeft gegeven van de bijzondere combinatie van factoren. Verweerder heeft de omstandigheid, dat de familieleden van eiser in India, die in de begeleiding van eiser zouden moeten voorzien, in een plaats wonen op grote afstand van het ziekenhuis, onvoldoende bezien in het licht van eisers verklaringen dat hij gelet op zijn ernstige medische aandoeningen nabij een ziekenhuis moet wonen en hierbij begeleiding nodig heeft. Niet zonder nadere motivering kan worden gesteld dat de grote afstand tot het ziekenhuis in het geval van noodzakelijke behandelingen en mogelijke (spoed)opnames nog niet betekent dat deze afstand onoverbrugbaar is. Gelet op de vaststaande noodzaak van behandeling van eisers klachten en de omstandigheid dat bij het achterwege blijven daarvan binnen drie maanden een acute medische noodsituatie kan ontstaan, heeft verweerder niet kunnen volstaan met het inroepen van argumenten ontleend aan het op basis van artikel 3.46 Vb 2000 gevoerde beleid. Verweerder heeft aldus onvoldoende onderzocht of eiser in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 3.4, derde lid, Vb 2000. Beroep gegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl