Rb. 's-Gravenhage 3 juli 2003, ECLI:NL:RBSGR:2003:AM3034

Bewaring / politiecel / tiendagentermijn / schadevergoeding. Eiser is op 6 juni 2003 in bewaring gesteld en eerst op 18 juni 2003 overgebracht van een politiecel naar een huis van bewaring. De bijzondere omstandigheden of zwaarwegende belangen die tot overschrijding van de tiendagentermijn noopten, lagen volgens verweerder in dit geval in de gronden van de bewaring. De rechtbank is van oordeel dat het niet gaat om omstandigheden die afzonderlijk dan wel in hun onderlinge verband van dien aard zijn dat er sprake is van een situatie waarin de openbare orde zich ernstig verzet zou hebben tegen de opheffing van de bewaring. Overplaatsing had uiterlijk de tiende dag na de inbewaringstelling moeten plaatsvinden. Nu niet uit de wetgeschiedenis blijkt dat de wetgever met artikel 106 Vw 2000 een uitputtende regeling heeft willen geven voor toekenning van schadevergoeding ingeval van onrechtmatige vreemdelingenbewaring, overweegt de rechtbank met betrekking tot het verzoek om schadevergoeding dat niets aan toepassing van artikel 8:73 Awb in de weg staat. Beroep gegrond, toekenning schadevergoeding.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen