Rb. 's-Gravenhage 1 augustus 2002, ECLI:NL:RBSGR:2002:AE7070

Mvv / weigering feitelijke afgifte. Referent heeft namens verzoekster, met de Chinese nationaliteit, een aanvraag ingediend voor een mvv. De visadienst heeft geen bezwaar gemaakt tegen afgifte van de mvv met de kanttekening daarvan alsnog te kunnen afzien als nadere feiten en omstandigheden daartoe aanleiding geven. Het Nederlandse consulaat heeft de feitelijke afgifte van de mvv geweigerd. Afgifte van een mvv heeft als zodanig verstrekkende gevolgen. Dat brengt mee dat sprake moet zijn van zeer zwaarwegende omstandigheden om als voorlopige voorziening aan verweerder de afgifte ervan op te dragen. En dat dan als uitkomst van een noodzakelijke belangenafweging. Enige twijfel bestaat over de juridische deugdelijkheid van de door verweerder beoogde ongewenstverklaring van verzoekster. Het gestelde bezit van een vliegticket komt geheel voor rekening van verzoekster. Verzoekster is door verweerder bij de mededeling over de verklaring van geen bezwaar tegen afgifte van de mvv uitdrukkelijk erop was gewezen dat daarmee nog niet de mvv zelf was afgegeven en de mogelijkheid bestaat dat die alsnog zou kunnen worden geweigerd. Niet is gebleken van zwaarwichtige omstandigheden die vereisen dat verzoekster zeer spoedig met haar (Nederlandse) echtgenoot hier het leven van alledag kan en moet delen. Evenmin is gebleken van objectieve belemmeringen die er aan in de weg staan om het gezinsleven in het land van herkomst of elders te ontwikkelen dan wel voort te zetten. Alle omstandigheden van het onderhavige geval in aanmerking nemende, bestaan naar het oordeel van de voorzieningenrechter onvoldoende termen voor toewijzing van het verzoek. Afwijzing verzoek.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen