Rb. 's-Gravenhage 9 juli 2002, ECLI:NL:RBSGR:2002:AE7014
Vtv klemmende redenen / traumatabeleid. In de procedure inzake de weigering van de verlenging vtv medisch biedt artikel 11, vijfde lid, Vw voldoende grondslag voor de bevoegdheid van verweerder om het paspoortvereiste te stellen. Verweerder heeft deze bevoegdheid evenwel niet in beleidsregels uitgewerkt. Verweerder heeft nagelaten om ex artikel 4:82 Awb in het onderhavige geval concreet aan te geven waarom het paspoortvereiste wordt tegengeworpen, ook al moet worden aangenomen dat hier sprake is van een door verweerder gehanteerde vaste gedragslijn. Aan de adviezen van het BMA ligt verouderde informatie ten grondslag. Tevens is er sprake van ondeugdelijke advisering. Er zijn geen adequate behandelingsmogelijkheden voor PTSS in Armenië. Verweerder heeft zich, voorzover bekend bij de rechtbank, slechts gebaseerd op één enkel stuk waarin onder meer wordt vermeld: "the quality of treatment is not enough.“ Ter zitting heeft verweerder erkend dat deze zinsnede zo gelezen kan worden dat de behandeling in Armenië voor PTSS niet voldoende is. Dit is in overeenstemming met de door eiseres overlegde berichten van Artsen zonder Grenzen, afdeling België. In de procedure inzake de weigering van de vtv om klemmende redenen van humanitaire aard behoeft een beroep op het traumatabeleid niet slechts in een asielprocedure aan de orde te komen, want de strikte scheiding tussen asielprocedures en reguliere procedures was ten tijde van de aanvraag nog niet van kracht. Daarnaast is het, gelet op de inhoud en strekking van werkinstructie 31, te rigide om te oordelen dat het traumatabeleid slechts van toepassing is indien een asielverzoek is ingediend. Bovendien sluit werkinstructie 31 niet uit dat ook overige traumatische ervaringen, ook indien deze niet rechtstreeks verband houden met het asielrelaas, aanleiding kunnen zijn voor het verlenen van een vtv.
De uitspraak op rechtspraak.nl