Rb. 's-Gravenhage 31 oktober 2001, ECLI:NL:RBSGR:2001:AD5464
Identiteit / nationaliteit / artikel 3 EVRM. Eiser is HIV-geïnfecteerd en heeft een aanvraag om toelating als vluchteling gedaan. Zijn identiteit en nationaliteit staan niet vast. Verweerder kon niet toetsen of behandeling van eiser mogelijk is in de staat waarheen uitgezet zal worden, omdat ten tijde van het bestreden besluit niet vast gesteld kan worden naar welke staat eiser uitgezet zal kunnen worden. Dat eisers identiteit en nationaliteit niet vast staan, is toe te rekenen aan eisers leugens en het niet overleggen van betrouwbare documenten omtrent zijn identiteit. Gesteld noch gebleken is dat daarvan niet aan eiser een verwijt gemaakt kan worden. Dat behandeling en therapie van eiser tijdens niet-rechtmatig verblijf in Nederland zal worden beëindigd, is niet aannemelijk gemaakt. Indien zich een concrete uitzettingsmogelijkheid aandient, zal verweerder overigens opnieuw moeten toetsen aan artikel 3 EVRM. Beroep ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl