Rb. Rotterdam 12 december 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:12257
Bij eiseres wordt lactosepoeder aan het einde nog een keer gezeefd en wat op de zeef achterblijft is de zeefoverstortstroom. Partijen verschillen van mening over de vraag of deze zeefoverstortstroom moet worden aangemerkt als cat. 2 of cat. 3 materiaal. Dit is van belang voor eiseres omdat zij cat. 3 materiaal nog in de handel kan brengen als diervoeder. Volgens verweerder is de zeefoverstortstroom echter cat. 2 materiaal en mocht eiseres dit niet in de handel brengen. Volgens verweerder heeft eiseres art. 13 van Verordening 1069/2009 overtreden. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder niet toereikend gemotiveerd dat de zeefoverstortstroom moet worden aangemerkt als categorie 2-materiaal waarop de in artikel 13 van Verordening 1069/2009 gestelde eisen voor verwijdering en gebruik van toepassing zijn. Daarom kan niet worden vastgesteld dat eiseres de gestelde overtreding heeft begaan. Verweerder was daarom niet bevoegd eiseres een boete op te leggen.
De uitspraak op rechtspraak.nl