Rb. Rotterdam 1 maart 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:1590
Veelprocedeerder. Vereenvoudigde afdoening. Hoewel het CAK zich daarbij op het standpunt heeft gesteld dat eiser geen bezwaar kan maken tegen een eindafrekening en evenmin tegen de verschuldigdheid van de bestuursrechtelijke premie, is het CAK toch inhoudelijk ingegaan op de aangevoerde bezwaargronden en heeft hij het bezwaar ongegrond verklaard. Dit is onjuist. Het CAK had het bezwaar niet-ontvankelijk moeten verklaren. Daarom is het beroep kennelijk gegrond. De rechtbank zal alsnog het bezwaar niet-ontvankelijk verklaren. Uit artikel 8:91 lid 1 Awb volgt dat een verzoek om schadevergoeding kan worden ingediend bij de bestuursrechter waarbij het beroep omtrent het schadeveroorzakende besluit aanhangig is. De schade die eiser vordert hangt echter niet samen met het onjuiste dictum van het bestreden besluit, maar met de volgens hem ten onrechte opgelegde bestuursrechtelijke premie. Omdat tegen een besluit over de verschuldigdheid van bestuursrechtelijke premie of de hoogte daarvan geen beroep kan worden ingesteld, is het gelet op artikel 8:88 lid 2 Awb evenmin mogelijk om in dit verband schadevergoeding te verzoeken bij de bestuursrechter. Daarom zal de bestuursrechter zich onbevoegd verklaren om kennis te nemen van dit verzoek.
De uitspraak op rechtspraak.nl