Rb. Rotterdam 14 september 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:9177
Art. 552a en 552f Sv. Auto met verborgen ruimte. Vordering tot onttrekking aan het verkeer afgewezen, omdat niet is voldaan aan de in wet gestelde vereisten. Voor onttrekking aan het verkeer op basis van artikel 36c Sr geldt dat is vereist dat er een relatie is tussen het in beslag genomen voorwerp en een strafbaar feit. De rechtbank is van oordeel dat in dit geval niet aan dit vereiste is voldaan. Het kan echter niet zo zijn dat de auto in de huidige staat, dus met verborgen ruimte, aan de klager wordt teruggegeven, omdat het – op de door de officier van justitie in dat verband gestelde gronden – onwenselijk is dat deze weer in deze staat in het maatschappelijk verkeer wordt gebracht. Beklag daarom voorwaardelijk gegrond verklaard, met een voorwaardelijke last tot teruggave. Daarbij wordt de voorwaarde gesteld dat de klager de verborgen ruimte naar genoegen van het openbaar ministerie en op eigen kosten laat verwijderen. De auto dient pas aan de klager te worden teruggegeven, nadat hij de verborgen ruimte heeft laten verwijderen en de daaraan verbonden kosten heeft betaald.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Limburg 22 juni 2021, ECLI:NL:RBLIM:2021:4991
- Hof Den Haag 28 oktober 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:2080
- Rb. Rotterdam 28 september 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:9493
- Rb. Amsterdam 22 september 2020, ECLI:NL:RBAMS:2020:4758
- Rb. Rotterdam 13 maart 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:2414
- HR 8 maart 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR7626
- HR 11 november 2003, ECLI:NL:HR:2003:AL6178