Rb. Rotterdam 1 juni 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:4116
Eiseressen is beiden een last onder dwangsom opgelegd wegens overtreding van artikel 5:20, eerste lid, van de Awb omdat zij de gevraagde informatie niet hebben verstrekt. De rechtbank komt tot de conclusie dat de AFM in een situatie als hier aan de orde, waarin sprake is van een redelijk vermoeden van overtreding van artikel 2:60 of 2:80 van de Wet op het financieel toezicht (Wft), op grond van artikel 5:16 van de Awb en artikel 1:74 van de Wft bevoegd is inlichtingen te vorderen van de vermoedelijke overtreder en op grond van artikel 1:79, eerste lid, aanhef en onder d, van de Wft lasten onder dwangsom op te leggen als niet aan deze vorderingen wordt voldaan, ook als de vermoedelijke overtreder buiten Nederland is gevestigd. Ook het betoog dat de besluitvorming van de AFM in strijd is met het territorialiteitsbeginsel slaagt niet. Het beroep is ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl