Rb. Rotterdam 26 november 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:8610
Het uitwisselen van concurrentiegevoelige informatie tussen twee ondernemingen en afstemming van inschrijfgedrag voorafgaand aan een inschrijving bij een aanbesteding, welk gedrag 'cover pricing' wordt genoemd is naar zijn aard schadelijk voor het concurrentieproces bij de mededinging en heeft daarom de strekking de mededinging te beperken. Gegeven de context waarin de gedragingen plaatsvonden - te weten de, al dan niet gelijktijdige, uitnodiging van een opdrachtgever van twee of meer ondernemingen om een offerte of prijs in te dienen voor een opdracht tot uitvoering van een werk - en waarin aldus een beperkt aantal partijen werd uitgenodigd om een aanbieding te doen, beïnvloedden de gedragingen zonder meer merkbaar de mededinging. Bij het hanteren van de ernstfactor 1,75 heeft ACM onvoldoende het verschil in ernst tussen 'cover pricing' en 'bid-rigging' tot uitdrukking gebracht. De rechtbank acht een ernstfactor aan de ondergrens van de bandbreedte voor 'zeer zware' overtredingen, te weten 1,5, in de hier aan de orde zijnde gevallen wel passend en geboden. In twee zaken zijn de opgelegde boetes in strijd met het evenredigheidsbeginsel. Deels overschrijding van de redelijke termijn op grond waarvan de boete in één geval dient te worden gematigd.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Rb. Rotterdam 18 december 2014, ECLI:NL:RBROT:2014:10129
- CBb 10 april 2014, ECLI:NL:CBB:2014:118
- CBb 10 april 2014, ECLI:NL:CBB:2014:119
- CBb 28 augustus 2012, ECLI:NL:CBB:2012:BX7257
- CBb 30 augustus 2011, ECLI:NL:CBB:2011:BR6737
- CBb 8 april 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BM1588
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2008:643
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2009:343
- HvJ EU, ECLI:EU:C:2014:2204