Rb. Rotterdam 19 maart 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:1868

ACM heeft aan een luchtvaartmaatschappij vier bestuurlijke boetes opgelegd voor een bedrag van in totaal € 370.000 en tot oplegging van drie lasten onder dwangsom wegens overtreding van artikel 23 lid 1 van de Luchtvaartverordening en van bepalingen als bedoeld in de artikelen 8.2 en 8.8 van de Wet handhaving consumentenbescherming. De rechtbank laat de boetes en lasten grotendeels in stand. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt. Ambtshalve worden de boetes gematigd wegens overschrijding van de redelijke termijn. Voorts wordt een boete gematigd omdat een van de overtredingen van artikel 23 lid 1 van de Luchtvaartverordening niet is komen vast te staan, omdat niet duidelijk is vanaf welke tijdstip de Prepaid Mastercard een gangbaar betaalmiddel is geworden. Ten aanzien van de proceskosten hanteert de rechtbank € 490 per punt, dit in navolging van alle hoogste bestuursrechters die dit nieuwe tarief hanteren in alle zaken waarin zij na 2014 uitspraak doen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken