Rb. Rotterdam 26 april 2010, ECLI:NL:RBROT:2010:BM3076

bij introductie digitale televisie - onder meer via colportage en telemarketing - in de periode 1 januari 2007 tot 1 april 2007 zijn door verweerder overtredingen geconstateerd. Eiseres bestrijdt niet dat de overtredingen zijn begaan, maar bestrijdt dat ze op grote schaal hebben plaatsgevonden. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder voldoende aannemelijk gemaakt dat een groot aantal consumenten is geraakt door het handelen van eiseres, zodat er geen sprake is van de door eiseres gestelde beperkte schaal waarmee verweerder bij de vaststelling van de boete rekening zou hoeven te houden. De bevindingen uit de onderzoeksbronnen - waaronder onderzoek TNS NIPO - kunnen tot geen andere conclusie leiden dan dat van incidenten beslist geen sprake was. Voor zover eiseres het onderzoek van TNS NIPO qua representativiteit in twijfel trekt, had het onder deze omstandigheden op haar weg gelegen om aan de hand van een deskundigenbericht de grondslagen van het onderzoek van TNS NIPO te bestrijden. Elk van de overtredingen van de Colportagewet heeft een misleidend karakter en kan dus zelfstandig aanleiding zijn tot misleidende beïnvloeding van het economische gedrag van de consument, zodat er aanleiding is voor elk van deze overtredingen ter zake afzonderlijk een boete op te leggen. Niet kan worden gezegd dat onevenredigheid bestaat tussen de overtredingen en de daarvoor opgelegde boetes.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen