Rb. Overijssel 20 juli 2022, ECLI:NL:RBOVE:2022:2144
De gemeente heeft aan Take Care over de jaren 2016 tot en met 2019 geldsommen betaald op grond van de WMO zodat Take Care zorg kon verlenen aan cliënten met een indicatie. Take Care heeft die zorg volgens de gemeente Almelo echter niet goed geleverd, en daarom vordert zij de betaalde bedragen terug. De rechtbank oordeelt in dit vonnis dat Take Care inderdaad niet de overeengekomen maatwerkvoorziening heeft geleverd, onder meer niet omdat Take Care niet beschikte over voldoende opgeleid personeel dat deze zorg kon leveren. Zowel de B.V. als haar bestuurders zijn hiervoor aansprakelijk zoals hierna wordt uitgelegd. Bestuurder [gedaagde sub 2] is gedurende de procedure overleden. De rechtbank neemt ook een beslissing over wat dat voor de erfgenaam van [gedaagde sub 2] , [gedaagde sub 3] , betekent. Take Care zal een groot deel van de ontvangen bedragen, ook bedragen die zijn betaald in het kader van een PGB, aan de gemeente Almelo moeten terugbetalen. Omdat de zorg die Take Care wel heeft geleverd echter wel een bepaalde waarde had, namelijk de waarde van “algemene voorzieningen”, mag Take Care die bedragen houden.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- HR 30 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1710
- Hof Arnhem-Leeuwarden 14 juli 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:5461
- HR 17 januari 2020, ECLI:NL:HR:2020:73
- Hof 's-Hertogenbosch 28 mei 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:1996
- Hof Den Haag 31 juli 2018, ECLI:NL:GHDHA:2018:1802
- HR 5 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2628
- Hof Arnhem-Leeuwarden 22 januari 2013, ECLI:NL:GHARL:2013:BY9330