Rb. Overijssel 1 november 2016, ECLI:NL:RBOVE:2016:4203
Effectenlease-overeenkomst. Aan de door Stichting Eega-lease in 2003 gevorderde verklaring voor recht (collectieve actie) komt stuitende werking toe omdat de rechtsvordering tot vernietiging van de eega van eiser op die collectieve actie aansluit. Door de totstandkoming van de Hoofdovereenkomst (de Duisenberg-regeling) op 23 juni 2005 is een einde gekomen aan de collectieve actie van Stichting Eega-lease. De vernietiging van de overeenkomst door de eega van eiser is meer dan zes maanden daarna ingeroepen, maar toch tijdig omdat aan het indienen van het verzoekschrift tot verbindendverklaring ex artikel 7:709 BW van de Duisenberg-regeling stuitende werking toekomt op grond van artikel 7:907 lid 5 (oud) BW. Hetgeen (onverschuldigd) is voldaan door de vernietiging van de overeenkomst moet worden terugbetaald met ingang van de verzuimdatum. Geen kwade trouw aan de kant van Dexia. Afwijzing van de vordering tot betaling van de kosten die eiser aan Leaseproces is verschuldigd op grond van de met haar gesloten overeenkomst. Wel toewijzing van de buitengerechtelijke incassokosten op basis van het rapport Voor-werk II. De vordering tot betaling van die kosten is wel deels verjaard.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
Aangehaalde uitspraken
- Hof Amsterdam 14 juni 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2291
- Hof Arnhem-Leeuwarden 19 april 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:3085
- HR 9 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3018
- HR 12 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1600
- Hof 's-Hertogenbosch 25 november 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:4956
- Hof Amsterdam 4 november 2014, ECLI:NL:GHAMS:2014:4585
- HR 26 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2797
- HR 6 april 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV7828
- HR 19 februari 1999, ECLI:NL:HR:1999:AD3017