Rb. Overijssel 15 mei 2013, ECLI:NL:RBOVE:2013:777

Artt. 1:204 en 1:205 BW. Rechtbank wijst af het verzoek van de Officier van Justitie tot doorhaling van de akte van de tweede erkenning van het kind door de man, op dat moment de echtgenoot van moeder, zoals die erkenning is opgenomen in de registers van de gemeente. De rechtbank overweegt dat op basis van de geldende wettekst ten tijde van de betreffende erkenning niet kan worden geoordeeld dat er sprake is van een nietige erkenning nu pas met ingang van 1 april 1998 in het huidige artikel 1:204 BW, de bepaling is toegevoegd dat de erkenning nietig is als zij is gedaan terwijl er al twee ouders zijn. Ook subsidiaire verzoek Officier van justitie dat sprake is van vernietigbare erkenning wordt afgewezen. Naar oordeel rechtbank is sprake van een te beschermen family life en een recht op bescherming van een identiteit, welke al zeer geruime tijd bestaat Daarnaast zou een vernietiging van de erkenning ook kunnen leiden tot verlies van de Nederlandse nationaliteit en overige maatschappelijke consequenties voor kind kunnen hebben.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen