Rb. Oost-Brabant 3 december 2025, ECLI:NL:RBOBR:2025:7865

IOAZ. Beëindiging. Zelfstandig recht. Urennorm. Zelfstandigenaftrek. Het college heeft de IOAZ-uitkering van eiseres en haar partner beëindigd, omdat de partner de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt en eiseres geen zelfstandig recht heeft. De rechtbank oordeelt dat een grondslag voor het standpunt van het college ontbreekt. Artikel 2, vijfde lid, IOAZ bepaalt niet dat slechts sprake is van een gewezen zelfstandige als bij deze drie jaar voorafgaand aan de aanvraag de zelfstandigenaftrek is toegepast. Ook bepaalt artikel 5, tweede lid, sub 1o IOAZ niet dat een gewezen zelfstandige drie jaar voorafgaand aan de IOAZ-aanvraag de zelfstandigenaftrek moet hebben toegepast. Eiseres heeft een zelfstandig recht op IOAZ. Haar IOAZ-uitkering is daarom ten onrechte beëindigd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken