Rb. Oost-Brabant 10 oktober 2025, ECLI:NL:RBOBR:2025:6266
Deze uitspraak gaat over de vestiging van voorkeursrechten op verschillende percelen in de gemeente Vught. De percelen van eisers waarop het voorkeursrecht is gevestigd, zijn gelegen noordwestelijk van de kern Distelberg, tussen het afwateringskanaal ’s-Hertogenbosch-Drongelen en de Loonse en Drunense duinen (eiser 1), in het gebied dat ongeveer wordt begrensd door de Loonse en Drunense duinen, Helvoirt, verkeersweg N65 en de grens met de gemeente Haaren (eisers 2, 3 en 5) en tot slot noordoostelijk van Helvoirt, aan of nabij verkeersweg N65 (eiser 4). De raad heeft het voorkeursrecht gevestigd om grip te houden op de ontwikkeling van duurzame energie en om grondspeculatie te voorkomen. Het voorkeursrecht is gevestigd in de vijf zoekgebieden die in het “Programma Grootschalige Opwek Vught” voor de opwekking van zonne-energie zijn aangewezen. In de toekomst wil de gemeente in een of meer van de zoekgebieden zonne-energie laten opwekken, ter uitvoering van de afspraken die zijn gemaakt bij de Regionale Energiestrategie (RES), om te voldoen aan de energietransitie-opgaven. - Eisers zijn het niet eens met de vestiging van het voorkeursrecht. Zij vinden - zeer kort weergegeven - dat het voorkeursrecht in een veel te groot gebied en in een te vroeg stadium is gevestigd. Zij worden geconfronteerd met eigendomsbeperkingen, terwijl nog helemaal niet duidelijk is of, en zo ja, waar de beoogde ontwikkelingen gaan plaatsvinden. Dat vinden zij onevenredig belastend. Ook vinden zij de toekomstige ontwikkelingen die de gemeente beoogt om meerdere redenen niet uitvoerbaar. De raad heeft bovendien niet of onvoldoende rekening gehouden met hun individuele belangen, aldus eisers. Alles bij elkaar vinden zij dat de raad tekort is geschoten bij het maken van de vereiste belangenafweging. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de raad in dit stadium van de besluitvorming tot vestiging van het voorkeursrecht in de zoekgebieden kon overgaan met het oog op de ontwikkeling van zonneparken. De Omgevingswet (Ow) bevat de mogelijkheid om vooruitlopend op definitieve keuzes het voorkeursrecht te vestigen voor toekomstige ontwikkelingen, ook als nog niet duidelijk is of, en zo ja, waar de zonneparken precies worden gerealiseerd en de besluitvorming daarover nog niet is uitgekristalliseerd. De rechtbank vindt de realisatie van zonneparken in de toekomst ook niet evident onuitvoerbaar. Voor de (meeste) percelen van eisers heeft de raad echter niet goed gemotiveerd waarom hij bij vestiging van het voorkeursrecht is gebleven. De raad past zelf het uitgangspunt toe dat realisatie van zonneparken op 30 m van woningen is uitgesloten. Ook heeft de raad woonpercelen buiten de vestiging van het voorkeursrecht gehouden. Onduidelijk is of de raad deze uitgangspunten consequent heeft toegepast. Verder is niet duidelijk waarom het woonperceel van eiser 4 is aangewezen. Voor eiser 5 is onduidelijk wat als woonperceel moet worden beschouwd. De raad moet daarom een nieuwe beslissing nemen op het bezwaar van eisers. Op deze punten krijgen eisers dus gelijk.
De uitspraak op rechtspraak.nl