Rb. Oost-Brabant 12 december 2024, ECLI:NL:RBOBR:2024:6260

De rechtbank is van oordeel dat GS ten onrechte geen advies heeft ingewonnen bij het waterschap ook al bevat de Wabo geen bepaling die inhoudt dat artikel 2.26 van overeenkomstige toepassing is op een ambtshalve besluit tot wijziging van een eerder op aanvraag genomen besluit. GS had ook bij de ambtshalve wijziging van voorschriften met grenswaarden over een directe en indirecte lozing de ABM 2016 en het Handboek Immissietoets moeten volgen. De rechtbank vernietigt de lozingsvoorschriften en draagt GS op de omgevingsvergunning te actualiseren. De rechtbank treft de voorlopige voorziening dat bij de lozing van afvalwater op het gemeentelijk vuilwaterriool de verplichtingen in voorschriften 2.2.1 t/m 2.2.6 van het bestreden besluit in acht moeten worden genomen tot de bekendmaking van het nieuwe besluit. Ten overvloede merkt de rechtbank op dat als vergunninghoudster zich niet aan deze voorlopige voorziening zou houden, zij zou handelen in strijd met de zorgplicht in artikel 2.11 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). De vernietigde voorschriften bevatten preventieve maatregelen ter bescherming van het milieu, monitorings- en registratieverplichtingen, en strekken tot toepassing van de best beschikbare technieken en als bedoeld in artikel 2.11, derde lid onder a, b, e, f en g van het Bal.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken